Lotus komt uit India en woont al zes jaar bij haar nieuwe familie.
Bob, Beatrijs, Lonneke en Wouter houden veel van haar en Lotus heeft
veel vrienden en vriendinnen. Ook op school gaat het goed. Waarom lijken
haar gedachten dan soms net zo zwaar als haar rugtas vol boeken? En waarom
is ze zo graag bij Pandit in de Wereldwinkel? Omdat hij ook uit India komt?
Als ze de vrouw van Pandit ontmoet, vraagt ze zich af of haar Indiase moeder
net zo mooi is. Zou ze nog leven? Waarom heeft ze haar eigenlijk weggegeven?
Hield ze niet genoeg van haar? Zou ze ook broertjes of zusjes hebben? Lotus
wil antwoord op alle vragen die door haar hoofd spoken. Ze gaat op zoek!